‘t Klupke

78. Albenga

Albenga is nu een stadje van 24.000 inwoners aan de monding van de rivier de Centa. In de Romeinse tijd heette het Album Ingaunum of Albingaunum, “stad van (de Ligurische stam van) de Ingauni”. Langs en in de Centa zijn resten van een aquaduct en thermen gevonden. Elders ook van een amfitheater. De stad kreeg van Julius Caesar het Romeinse burgerrecht in 45 vC en werd na de aanleg van de Via Julia Augusta in 13 vC een welvarende stad. Buiten de stad, aan de Via Julia Augusta, verrezen veel graftombes van rijke en arme inwoners. Tot in de dertiende eeuw bleef de stad welvarend. Door de verandering van de rivierloop van noord naar zuid verzandde de haven geleidelijk en verloor Albenga het contact met de zee. Pas in de 19e eeuw werd de teruggang tegengehouden.

Het middeleeuwse karakter van Albenga is behouden. Albenga was toen de “stad van de honderd torens”. Er zijn er niet zo veel meer, er zijn er afgebroken of verwoest door aardbevingen of verdwenen doordat ze in latere huizen zijn opgenomen. 

Een bijzonder gebouw is het Baptisterium uit de vijfde eeuw. Het is aan de buitenkant tienhoekig, binnen achthoekig. Het bevat nog steeds een oude doopvont en is versierd met mozaïeken uit de 6e eeuw. Er is ook een Romeins scheepvaartmuseum, dat werd opgericht om de duizenden amforen te bergen die gevonden werden in een Romeins wrak voor de kust. Het is het langste Romeinse vrachtschip dat ooit is teruggevonden, meer dan 60 meter, en het bevatte 10.000 amforen!